Je ogen bleven staan
Toen een arm om mij heen sloeg
zachtjes fluisterde je sorry
En later toen je handen zich om mijn hoofd vouwde
Drijven op verlangen
Toen was de andere wereld geen uitzicht.
Wat we altijd hadden moeten zijn
Woorden hardop en buiten ons hoofd.
Zacht, pijnlijk, hoopvol, eerlijk.
Varen buiten een toekomst
We waren de tijd vergeten
De tijd zijn we kwijt.
Later.
Naast je.
Jij, diep verdronken in slaap.
Ik weer wakker.
Zo als het was
Bewijs van werkelijkheid
Nu ben ik aan het zwemmen
In een zee van waarheid
Tussen golven van afspraak
en de woorden van de nacht